Outpatient Parenteral Antimicrobial Therapy (OPAT)

Outpatient Parenteral Antimicrobial Therapy 

Achtergrond

Bij sommige infecties moeten patiënten langdurig parenterale antibiotica krijgen. Onder bepaalde voorwaarden kan deze therapie thuis worden gegeven. De hoofdbehandelaar blijft daarbij verantwoordelijk voor de gegeven therapie. 

Daarbij moet wel aan een aantal voorwaarden zijn voldaan:

  • Een patiënt moet na aanvankelijke behandeling in het ziekenhuis stabiel zijn
  • Parenterale behandeling moet noodzakelijk zijn
  • Toedieningsfrequentie moet niet hoger zijn dan 3x/daags
  • Het toe te dienen medicament moet stabiel zijn bij kamertemperatuur: de ziekenhuisapotheker is hierin deskundig.
  • Sommige medicamenten vereisen regelmatige bloed- of spiegelcontroles: deze dienen ook in de thuissituatie te gebeuren
  • Situatie thuis moet veilig zijn met adequate mantelzorger(s).
  • Goede en laagdrempelige communicatie moet mogelijk zijn tussen patiënt thuis en de verantwoordelijke arts
  • Afhankelijk van de behandelde infectie dienen patiënten regelmatig te worden gezien.

Bij welke infecties wordt OPAT relatief frequent gegeven?

  • Bot- en gewrichtsinfecties
  • Ongecomplceerde endocarditis
  • Diepe abcessen die langdurig AB-therapie behoeven
  • Behandeling van infecties met multiresistente organismen die alleen met parenterale antibiotica behandeld kunnen worden.

Sommige medicamenten vereisen regelmatige bloed- of spiegelcontroles: deze dienen ook in de thuissituatie te gebeuren”  Zie OPAT gids voor de frequentie!

Voor overzicht van de meest gebruikte intraveneuze antibiotica in de thuissituatie zie DZ protocol “Medicatie, intraveneuze toediening thuis (Ziekenhuisverplaatste zorg)”